De hel van het ideaal - Deel 2
Wait a minute..
Ik las haar boek onlangs voor de tweede keer nadat ik een foto van een Instagram-story op mijn laptop zag van drie jaar geleden waarin ik Tanja Nijmeijers boek aanprees en schreef ‘haar idealen te begrijpen’. Nu dacht ik, wait a minute…
Lees deel 1 van De hel van het ideaal.
Vandaag dus verder met het tweede deel.
Strijden voor betere rechten van bepaalde mensen, gewelddadig verzet tegen gehate onderdrukkers, vandaag is dat gevecht ook in andere delen van de wereld dan in Colombia te zien.
Bron van revolutie
Het Marxisme en anti-imperialisme dat de strijd van de FARC tegen de Colombiaanse overheid kenmerkte, heeft overeenkomsten met het Palestijns-Israëlische conflict en hoe vele Westerlingen Hamas, maar ook bijvoorbeeld Palestijnse Islamitische Jihad (PIJ) proberen wit te wassen als legitiem noodzakelijk verzet dan wel verzet vanuit wanhoop en ultiem slachtofferschap. Gewapend verzet dat geoorloofd zou zijn vanwege ‘diefstal en bezetting van het land sinds de oprichting van de staat Israël in 1948’. Palestina als bron van revolutie. In de ban van de romantisering van gewelddadig extreemlinks verzet moet Israël, de machtige onderdrukker, het leven onmogelijk gemaakt worden, voor ‘een rechtvaardig Palestina’.
In Israël - dat staat voor Westers, kapitalistisch en individualistisch - zien de revolutionairen de perfecte vijand en de staat moet met miljoenen anderen, zonodig gewapend, bestreden worden. Dit idee gaat er bij geëngageerde jongeren (die nooit gamen) in als koek. Tijdens een zomerkamp van de Socialistische Jongeren in 2024 werd Tanja Nijmeijer live geïnterviewd. Hierbij een fragment uit het magazine Paraat van de Socialistische Jongeren.
“Er is mij in Colombia daar een revolutionaire chip ingebracht”, stelt ze. “Ik noem het een bewustzijnsproces, mijn moeder noemt het brainwashing”, grapt ze daarna. “We hebben te snel de wapens neergelegd. Daar kan ik heel kort over zijn.” Wat volgens haar beter was geweest, is dat het stapje bij stapje zou gaan. “Wij leveren tien procent in, en de regering voert de eerste hervormingen uit. Dan leveren wij de volgende tien procent in, en ga zo maar door.” Het model dat ook wel een ‘verlengde volksoorlog’ wordt genoemd kon haar doelen niet bereiken, de grote massa’s die naar de wapens zouden moeten grijpen, stonden niet op. De Colombiaanse regering kon eisen dat de FARC al haar macht op zou geven omdat die macht al zo beperkt was.
Zo dient de huidige regering regelmatig moties in om de beweging voor Palestina, waar wij veelvuldig bij betrokken zijn, te laten volgen door de veiligheidsdiensten en te laten bestempelen als terroristisch. Specifiek de betrokkenheid van Palestijnse communisten bij de Nederlandse beweging in de vorm van Samidoun zet de Nederlandse socialistische beweging in een riskante positie om mogelijk ook gevolgd en vervolgd te worden.
Hierin moeten dan keuzes gemaakt worden. Hoe bereiden we ons voor op een mogelijke toekomst waarin wij steeds meer problemen veroorzaken voor een Nederlandse staat in haar internationale strijd voor kapitaal en invloed? (..). We zouden ons kunnen terugtrekken in geheimzinnigheid en illegaliteit, om onze huidige organisatie en structuren te beschermen, maar we kunnen ook expliciet een stap naar voren doen. Openlijk stellen: wij zijn revolutionairen, wij zijn tegen Israël en Nederlandse betrokkenheid daar en dat je ons überhaupt probeert te criminaliseren laat zien hoe belangrijk deze strijd is!
Mochten we ooit net als Nijmeijer, net als de FARC, gedwongen worden de wapens op te pakken, dan doen we dat hopelijk samen met miljoenen anderen.
Het zal dan ook geen verrassing zijn dat de FARC zich tijdens de vredesonderhandelingen in 2012 solidair verklaarde met de Palestijnse (gewapende) strijd. Vanwege de strijd tegen het ‘imperialisme’.
‘A Why’
Nijmeijers boek fascineert van begin tot einde (ook drie jaar later). Het is goed dat ze haar verhaal deelt met een groot publiek. Want hoe valt te verklaren dat een 23-jarige Nederlandse uit Twente afkomstig uit een liefhebbende familie zich aansloot bij de Colombiaanse FARC die, en dat wist ze toen al, niet bepaald vredelievend te noemen was? Die vraag beantwoordt ze in haar boek. Friedrich Nietzsche zei eens: “He who has a why to live for can bear almost any how.” En of dat Nijmeijer ‘een why’ had. Daar zette ze alles voor opzij, inclusief haar eigen vrijheid.
Ook gaat ze uitvoerig in op het vredesproces dat vier jaar in beslag nam en plaatsvond op Cubaanse bodem, in Havana. In 2016 werd een vredesakkoord ondertekend tussen de FARC en de Colombiaanse regering en Nijmeijer maakte deel uit van de FARC-delegatie.
Verzwakt
Uit haar memoires kon ik opmaken dat er niet veel keus meer was voor de FARC doordat de milities in de jungle enorm op de hielen werden gezeten door het leger als gevolg van Plan Patriota van president Álvaro Uribe met financiële steun van de VS. De leiding brokkelde af en steeds meer commandanten sneuvelden tijdens gevechten met het Colombiaanse leger. De beweging verzwakte.
Hoe dan ook werd duidelijk dat ook van binnenuit het neerleggen van de wapens gewenst werd in ruil voor overheidsverplichtingen (laat dat een les zijn voor andere gewapende conflicten). De FARC wilde een einde aan het jarenlange geweld en met de regering om tafel. Weliswaar omdat de organisatie was verzwakt, maar zeker ook moest er een einde komen aan het jarenlange geweld dat aan beide kanten vele burgers het leven heeft gekost. De geweldsspiraal moest eindelijk doorbroken worden. En de FARC zou de slachtoffers en hun pijn en trauma’s erkennen. Want de FARC wist, volgens Nijmeijer, dat zonder erkenning van de slachtoffers duurzame vrede niet mogelijk was. Er werd een waarheidscommissie en een speciaal tribunaal opgericht om misdaden te veroordelen en een reïntegratieproces opgesteld voor ex-guerrilleros om te reïntegreren in de samenleving.
Als sneeuw voor de zon
Maar wat zou ze nog te zeggen hebben, mocht ze het adembenemende en zielroerende Even Silence Has An End hebben gelezen? Wat kan überhaupt een mens nog zeggen? Denken in termen van strijd tegen sociale ongelijkheid en onrecht is niets meer waard. Deze idealen verdwijnen als sneeuw voor de zon. Wat betekenen die nog als voor die idealen mensen worden gevangen, gemarteld en gestript van hun menselijkheid?
Ingrid Betancourts kant van de FARC-medaille is een getuigenis die nog heel lang nagalmt. Ze schreef een krachtig overlevingsverhaal dat me deed huiveren, maar tevens deed glimmen van blijdschap toen er na wel vier ontsnappingspogingen uit de betoverende, maar ook beangstigende jungle een einde kwam aan haar hel. Betancourt werd ontvoerd tijdens haar campagne voor het presidentschap in Colombia. Ze bracht onder extreem moeilijke omstandigheden haar gevangenschap door: aan een ketting aan haar enkel (later om haar hals), constante verplaatsing naar andere kampen, waarvoor soms dagen of weken getrokken werd door de jungle, met minimale voeding, ziekte en voortdurende onzekerheid over haar lot. Ze stierf bijna in de handen van de FARC toen ze ziek werd van hepatitus en haar pas later medicijnen werd toegekend.
Hel op aarde
Het is een verhaal over hel op aarde, maar ook over bevrijding uit die hel. Over liefde en oorlog en wat het betekent om mens te zijn in zulke extreme omstandigheden. Verraad, jaloezie, angst, vernedering, machtsmisbruik, bedrog, manipulatie, pijn, genegenheid, loyaliteit, vergeving, de complexiteit van mensen, verwarring wanneer de guerrilleros haar op geregisseerde momenten hun medemenselijkheid lieten zien, verslindende demonen en innerlijke vrede, haar liefde voor haar familie; alle facetten van de mens laat zij zien, omdat ze met alle geconfronteerd werd.
“I had grown aware of how complex we human beings are. Because of that, compassion appeared to me under a new light, as an essential value for dealing with my present. It is the key to forgiveness, I thought, wanting to set aside any inclinations of vengeance.”
Steun van een enkeling
Betancourt laat de effecten van groepsdenken en groepsdruk van de guerrilleros zien. Er waren er slechts enkelen die haar steun boden en die bewust waren van haar penibele situatie waarin de FARC haar had gebracht. De jonge bewaker met de naam Ferney zei haar:
“Ingrid, you must always remember what I’m going to say to you: if they treat you badly, always respond with goodness. Never lower yourself, don’t react to insults. You must know that silence will always be your best response. Promise me that you will be careful. Someday, I will see you on television when you will get back your freedom. I am waiting for that day. You do not have the right to die here.”
De jonge, wijze Ferney werd snel overgeplaatst naar een andere eenheid. Hij was too close met de gijzelaar geweest. De compassie die Ferney liet zien, bleek helaas een uitzondering. De meeste bewakers genoten van hun macht over de gijzelaars. Jong als ze waren, geïndoctrineerd met de noodzaak van een gewelddadige revolutie tegen de elite. Betancourt die in hun ogen hét symbool was van die elite. Een politica die met haar groene en pacifistische partij, Oxígeno, streed tegen corruptie en afbraak van het milieu. Je zou bijna denken dat de FARC de verkeerde in gijzeling hield.
‘Politician. It was a word that contained all the class hatred with which they were brainwashed daily. Indoctrination was one of the commander’s responsibilities.’
Bruut geweld
‘Being a prisoner was bad enough. But being a female prisoner in the hands of the FARC was another matter entirely. It was difficult to put it into words.’ Als Betancourt wordt opgespoord tijdens een van haar ontsnappingspogingen wordt ze met bruut geweld aangepakt, geen enkele FARC vrouw mocht daar bij zijn, zo werd aan Betancourt medegedeeld door een vrouwelijke bewaakster. Of er daarbij ook sprake is geweest van seksueel geweld laat Betancourt in het midden.
De onderwerping van de guerrilleros is een van de rode lijnen in Betancourts getuigenis. ‘From time to time, she (een vrouwelijke bewaker) raised the tone and talked about communism, about how glad she was to have taken up arms to defend the people, how women were not discriminated against in the FARC, how sexism was strictly forbidden, too. She would lower her voice to talk to me about her dreams, her ambitions, and the problems in her relationship. I realized she was worried that the guards might be listening. That was how I learned that problems were discussed out in the open. They were all under scrutiny and were obliged to inform the commander in the event of any suspicious behaviour on the part of a comrade. Informing was an intrinsic part of their regime. They were all subject to it, and they all practised it, indiscriminately.’
Verdeel en heers
“They’ve gone and put us on their list of terrorist organizations, but we’re not terrorists!” schreeuwde een commandant haar op een dag toe. Betancourt die zich vaak waardig verzette, deed beslist niet aan pleasing maar bracht zich daardoor regelmatig in de moeilijkheden. “If you’re not terrorists, then don’t act like terrorists! You kidnap, you kill, you gas-bomb people’s homes, you sow terror. What do you want to be called?” Op zulke momenten werd ze gedreigd met een kogel door haar hoofd. In haar boek is ze kritisch over haar eigen gedrag, maar ze zag ook hoe de guerilleros ruzie tussen de gijzelaars aanmoedigden om ze te verdelen en te heersen.
Overleven
“I understood how crucial it was to entertain my body in order to be able to free my mind.”
Ze leerde weven van een haar goed gezinde guerrillero, ze studeerde uit de bijbel en een encyclopedie, en ze deed oefeningen om sterker te worden. Todat haar dat weer werd afgenomen. Strippen totdat er niets meer van haar over zou blijven, maar dat lukte de FARC niet. Maar wat altijd bleef waren de radioberichten van haar kinderen en die van haar moeder die ze dagelijks ontving. Haar moeder, een oud-senator, streed eindeloos om aandacht te blijven vragen voor haar dochters gevangenschap. De liefde van haar familie tijdens haar extreem zware jaren in gevangenschap hield haar waardig overeind.
Zowel Nijmeijers memoires als die van Betancourt gaan over keuzes, vrijheid en het gebrek eraan. De een zag haar vrijheid als een verplichting om zich in te zetten voor een betere wereld - die ze anderen wilde opleggen - en verwierf daarmee persoonlijke onvrijheid. De ander zag haar onvrijheid als een kans om een beter mens te worden.
“In this condition of the most devastating humiliation, I still possessed the most precious of liberties, that no-one could take away from me: that of deciding who I wanted to be.”
Betancourt is een overlever. Nijmeijer voor de een een terroriste, voor de ander een strijdster, een ware heldin. En ook deze parallele wereld is vandaag niet weg te denken.
Overeenkomstige strijd
Sterker nog, momenteel zien we dat Marxistisch-links de idealen van fundamentalistische revolutionaire Islamitische bewegingen, zoals Hamas, omarmt vanwege hun overeenkomstige ‘anti-imperialistische’ strijd. Bewegingen als Samidoun, dat nauwe banden zou hebben met de Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP) - een Marxistisch-Leninistische organisatie bekend van onder meer gewelddadige vliegtuigkapingen en dat internationaal op meerdere terreurlijsten staat - verheerlijken het extremisme van Hamas als ‘revolutionair verzet’. Vaak gepaard met de bekende hamers en sikkels. Tijdens de laatste Rode Lijn demonstratie in Amsterdam eert het Communistisch Comité Nederland de ‘Hamasstrijder’ als ‘martelaar’. ‘Long live the resistance!’ viel op een protestbord te lezen met een afbeelding van een gebikvakmutste strijder met groene Hamas-hoofdband en de kalasjnikov in de ferme greep die het revolutionaire plaatje compleet maken.
‘Hamas is een (terroristische) groepering die, als je haar toetst aan objectieve maatstaven (en aan haar eigen handvest en de uitspraken van haar eigen leiders) volgens evolutiepsycholoog Geoffrey Miller niet anders kan worden gezien als: extreemrechts, reactionair, theocratisch, fascistisch, seksistisch, racistisch, homofoob, transfoob en antisemitisch. Meer rode vinkjes zijn er niet,’ aldus Johan van de Beek, journalist en schrijver van onder meer het boek Sultan en de lokroep van de jihad over drie jonge Nederlandse Syriëgangers.
Global intifada
Marxistisch links lijkt momenteel dus een schaamteloos pact te hebben gesloten met de extreemrechtse islamisten en jihadisten van Hamas, want zij zien een gemeenschappelijke vijand die met geweld bestreden moet worden. Alles voor het goede doel. Samen roepen zij op tot een global intifada. Dat de hamer en sikkel aanhangers vervolgens zelf slachtoffer zullen worden van hun duivelse pact komt blijkbaar niet bij ze op.
Idealen kunnen mensen tot opoffering en geweld drijven. Wat begon als streven naar rechtvaardigheid mondt uit in repressie, misdaden en verlies van menselijkheid. Die dynamiek blijft zich herhalen in andere conflicten vandaag. Telkens weer gebeurt het dat mensen in deze ideale hel trappen.
Boeken:
Tanja Nijmeijer, Van guerrilla tot vredesproces, 2021
Ingrid Betancourt, Even silence has an end, 2010
Of
hier
☕️
Mijn dank is groot.





Indringend geschreven, verbijsterend om de parallellen te zien en vooral verbijsterend dat de parallellen door vele worden gemist…
Mooi geschreven! Het raakte me op verschillende manieren.
1. Grappig hoe we in dezelfde week elk op onze eigen manier hetzelfde onderwerp aansnijden;
2. Ontroerend hoe je laat zien hoe vooral jonge mensen worden aangetrokken tot militante ideologieën die onvermijdelijk ontsporen;
3. Overtuigend hoe je beschrijft dat zulke ideologieën geen vrijheid of gelijkheid kennen: ze verworden altijd tot wat ze zeggen te bestrijden, hoe mooi hun woorden ook klinken om hun daden te rechtvaardigen.
Zodra politiek en ideologie samen optrekken, verdwijnt de ruimte voor nuance en zelfreflectie. Dat is wat je momenteel ook in ons eigen land terugziet. Ons resteert dan alleen nog het blijven herhalen van waar het leven echt om draait, in de hoop dat iemand nog luistert...